Afnemende kwaliteit in de rijschoolbranche?
CNV Vakmensen meent dat de kwaliteit in de rijschoolbranche afneemt. Gijs Kantelberg van De VerkeersAcademie reageert op de uitlatingen van het CNV.
CNV Vakmensen: “Net als de brancheorganisaties BOVAG, FAM en VRB hebben wij zorgen over de afnemende kwaliteit in de rijschoolbranche. Hoe wordt dit veroorzaakt en wat moet er dan aan gedaan worden? Worden de rijinstructeurs slechter opgeleid? Passen de opleidingen van opleidingsinstituten (voor het opleiden van rijinstructeurs) wel binnen de huidige tijdgeest?”
Gijs Kantelberg van De VerkeersAcademie vindt een aantal van de beweringen van het CNV onterecht en ongefundeerd.
Aanleiding van de overwegingen van het CNV op Reflector.nl (hieronder te lezen in verkorte vorm) is de bespreking van verschillende brieven van minister Schultz van Haegen in de Vaste Kamercommissie I en M op 30 januari jl.
Overwegingen van CNV Vakmensen
Lesgeven is niet als vroeger
“Vaststaat dat het lesgeven van vandaag de dag andere skills vraagt dan ca. 20 jaar geleden. Het verkeer is drukker geworden, cursisten zijn veel jonger en mondiger. Alleen al de mondiger leerling vraagt een andere aanpak. Dat is jammer genoeg niet iedere rijinstructeur gegeven”, aldus het CNV.
Binnenhalen van aankomende instructeurs
“De opleidingsinstituten zijn meer bezig met het binnenhalen van ‘aankomende rijinstructeurs’, oftewel het verzekeren van hun bron van inkomsten, dan met het niveau van de opleiding. Als het niveau omhoog zou gaan, beginnen minder mensen aan de opleiding, waardoor de inkomsten omlaag gaan.” CNV pleit daarom voor onafhankelijke opleidingsinstituten waarbij de kwaliteit wordt geborgd door een door de overheid gecontroleerd orgaan. Zelfs het IBKI (Innovam) heeft volgens het CNV door haar nauwe relatie met de BOVAG de schijn tegen zich dat het onafhankelijk zou zijn: “Zolang er opleidingsinstituten zijn die adverteren met de tekst: ‘er is een grote vraag naar rijinstructeurs’, terwijl dit niet het geval is, kun je bewaking van kwaliteit niet aan deze instituten zelf overlaten.” Het CNV pleit ook voor een continue vorm van educatie: "Laat iedere rijinstructeur jaarlijks een aantal uren scholing volgen, het ene jaar theorie en het andere jaar praktijk. Hierdoor kan continu worden gewerkt aan het bijhouden van de kwaliteit. Deze vorm van scholing zou dan in de plaats komen van het huidige sanctiebeleid."
Eénpitters
De minister stelt in haar brief dat het belangrijk is om krachten te bundelen door gezamenlijk op te trekken, en zo te bereiken dat meer rijscholen zich gaan aansluiten bij een brancheorganisatie. CNV: “Heeft de minister zich wel eens afgevraagd hoe het komt dat zoveel rijscholen niet zijn aangesloten bij een brancheorganisatie? Volgens ons ligt een belangrijke oorzaak daarvan bij de BOVAG. Binnen de BOVAG wordt het beleid vooral bepaald door de grotere verkeersscholen en worden de kleinere, veelal éénpitters (ZZP’ers), niet gehoord. Waarom zouden ze lid worden van de BOVAG en een flinke contributie betalen, zonder er iets voor terug te krijgen? Misschien een interessantere vraag: ‘waarom heeft deze sector zoveel éénpitters (ZZP’ers)?’ Een belangrijke oorzaak daarvan is het ontbreken van een goede arbeidsvoorwaarden.”
Rijinstructeurs hebben nog geen ontslagbescherming
Het CNV is naar eigen zeggen sinds 1998 regelmatig in gesprek met de BOVAG om te komen tot een arbeidsvoorwaardenpakket voor rijinstructeurs in loondienst. Op dit moment hebben rijinstructeurs in loondienst geen ontslagbescherming (zij vallen nog steeds onder het BBA, artikel 2), kennen geen CAO, hebben veelal het minimumloon en geen pensioenopbouw. Dit gaat per 1 januari 2015 veranderen. Met ingang van 15 juli a.s. gaat de nieuwe hervorming van het ontslagrecht in. Een positieve ontwikkeling voor rijinstructeurs in loondienst. Het huidige BBA wordt opgenomen in de ontslagregels, wat inhoudt dat voor alle werknemers in loondienst dezelfde ontslagregels gelden.
Lesprijzen
CNV: “Wanneer we kijken naar lesprijzen die gemiddeld gevraagd worden, ontstaat snel de vraag voor de rijinstructeur in loondienst, ‘waarom zou ik niet voor mezelf beginnen?’ Wanneer deze rijinstructeur dan voor zichzelf begint, gaat hij/zij veelal onder de prijs van de collega’s in de omgeving zitten. Het richten op betere voorlichting van jongeren door middel van een website zal volgens ons niet helpen. Jongeren zullen veelal naar de prijs kijken en veel minder naar de kwaliteit."
Benchmarking rijschoolsystemen in Nederland en omringende landen
Naar de mening van het CNV zal, zolang geen randvoorwaarden worden gesteld aan het beginnen van een eigen verkeersschool, het probleem van de kwaliteit van rijopleidingen blijven. “In het rapport SWOV R-2013-17 titel: ‘Benchmarking rijschoolsystemen in Nederland en omringende landen’, wordt een goede vergelijking gemaakt van verschillende rijschoolsystemen. Het is juist dat het Nederlandse rijlessensysteem tussen de twee uitersten ligt, te weten Duitsland en Engeland. Het is jammer dat de minister het in haar brief niet heeft over het Deense model. Ook zegt de minister in haar brief niets over de verschillende vormen van toetsing die de verschillende landen kennen om de bevoegdheid te houden, terwijl dat een van de grote discussiepunten is in de evaluatie van de WRM”, aldus het CNV.
Rijschoolvandaag.nl vroeg Gijs Kantelberg, directeur van De VerkeersAcademie, om een reactie
Kwaliteit van de instructeursopleidingen
“Het niveau van de opleiding tot rijinstructeur is de afgelopen 40 jaar sterk verhoogd. Ik kan overigens alleen over onszelf spreken. Ik geef toe dat niet elk instituut, of degene die zegt er één te zijn, dezelfde kwaliteit biedt. Daarom is het vergaren van informatie voorafgaand aan de opleiding belangrijk. Als ik zie welke ontwikkelingen en innovaties wij als De VerkeersAcademie hebben geïntroduceerd en nog gaan introduceren, dan is de opmerking van het CNV dat de kwaliteit onvoldoende is totaal onterecht en ongefundeerd", laat Gijs Kantelberg weten.
"Ze hebben zich nimmer gemeld om te informeren over hoe het er tijdens de opleiding tot rijinstructeur aan toe gaat. Bij het CNV is een gebrek aan kennis. Zeker op het vlak van instructeursopleidingen. Spijtig, want in het verleden heb ik regelmatig met Dolf Polders van het CNV persoonlijk om de tafel gezeten. Nooit is er een opmerking gemaakt over een gebrek aan kwaliteit. Maar in dit artikel kiezen ze voor de makkelijke weg: publiciteit door ongefundeerde kreten rond te strooien. En dat is jammer.”
Belangenverenigingen
Gijs Kantelberg vervolgt: “Net als het CNV en steeds meer rijscholen zie ik de voordelen in van een CAO. Het kan een bijdrage leveren aan de verdere professionalisering van de rijschoolbranche. Maar door nu modder te gaan gooien naar FAM, BOVAG en opleidingsinstituten zal het gesprek hierover nooit op gang komen. En ook dat is jammer.”
“Ik roep het CNV op om positief mee te denken met branchepartijen, zich goed te informeren om te voorkomen om net zoals nu onzin uit te kramen, en samen tot verbeterplannen te komen. Maar op deze manier vrees ik dat ze hun eigen ruiten ingooien.”
