Jongeren en vakantiewerk
Ruim de helft (55,4 procent) van de 1,5 miljoen studenten en scholieren onder de 25 jaar had vorig jaar tijdens de zomermaanden een vakantiebaan. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek was dat iets lager dan 2013 toen het percentage werkende studenten en scholieren op 56,2 procent lag.
In totaal 875.000 schoolgaande en studerende jongeren werkte in de zomer van 2014. De overgrote meerderheid van hen (85 procent) had voor de zomer ook al een baan. Hun gemiddelde werkweek was veertien uur. De meesten werkten een vergelijkbaar aantal uren in beide perioden.
De meest populaire zomerbaantjes
In 2014 begonnen total 124.000 scholieren aan een baan. Voor die tijd werkte deze groep jongeren nog niet. In de top tien zomerbanen zien wij dat verkoopmedewerker in de detailhandel op de eerste plaats staat met 12,7 procent. Op nummer twee staat vakkenvuller met 11,7 procent. Bedieningsmedewerker (8,5 procent) en kassabediende/kaartverkoper (6,9 procent) staan op de derde en vierde plek.
Ze houden er steeds minder aan over
De FNV Jong klaagt dat vakantiebaantjes van jongeren steeds minder opleveren. De jongerenbond vindt dat jongeren aan hun arbeid in de zomermaanden best wat meer mogen overhouden.
Deze zomer gaan naar schatting weer ruim een miljoen jongeren aan de slag als vakantiekracht. Volgens een peiling van FNV ligt het gemiddelde uurloon voor hen op ''slechts'' 7,29 euro.
Hierbij zou de detailhandel met € 5,71 het slechtst verdienende sector zijn. Volgens FNV Jong vind maar liefst twee derde van de jongeren dat ze slecht betaald krijgen en ongewaardeerd worden door hun werkgever.
Bron: nu.nl | Foto: ANP
