Minister:”Lesauto’s hoeven wettelijk gezien geen aanvullende verzekering te hebben”

tweede kamer

In mei jl. berichtte BNR Nieuwsradio erover dat rijscholen hun algemene voorwaarden en verzekeringen niet altijd op orde hebben. In sommige gevallen zouden leerlingen daardoor opdraaien voor de kosten bij het rijden van schade of verkeersovertredingen. Minister Cora van Nieuwenhuizen reageert op gestelde Kamervragen hierover door Kamerlid Remco Dijkstra van de VVD. Waarbij ze zich ook uitlaat over de verantwoordelijkheid van brancheverenigingen en het rijleskeurmerk.

De VerkeersAcademie

— Advertentie —

De Minister geeft aan bekend te zijn met het artikel van BNR Nieuwsradio en er met brancheverenigingen contact over te hebben gehad. Minister van Nieuwenhuizen:”De branchepartijen hebben aangegeven dat zij enkele voorbeelden kennen van situaties waarbij leerlingen schade en/of boetes zouden moeten betalen. Het betreft hier niet bij hen aangesloten rijscholen.”

Geen onverzekerde rijscholen

Over onverzekerde rijscholen is de Minister niets bekend. Van Nieuwenhuizen:” Er zijn bij mij geen rijscholen bekend die lesauto’s inzetten die niet voldoen aan minimale basis wettelijke aansprakelijkheid (WA) en dus onverzekerd zijn. Dat is een verplichting voor iedere autobezitter. Aanvullende verzekeringen, zoals een Casco (All Risk) en de inzittendenverzekering zijn niet verplicht en worden niet centraal geregistreerd. Er zijn daarover dan ook geen cijfers bekend.” De Minister ziet daar dan ook een belangrijke rol voor de brancheverenigingen weggelegd. Van Nieuwenhuizen:” In het Kentekenregister wordt geen onderscheid gemaakt naar personenauto’s die gebruikt worden als lesauto. Dit geldt niet voor de casco (AllRisk) en inzittendenverzekering, waar de brancheorganisaties dus een belangrijke rol spelen.”

Geen wettelijke mogelijkheden

De Minister geeft aan dat er wel een klein aantal voorbeelden van afwijkende voorwaarden door de branche gemeld maar dat er geen wettelijke mogelijkheden zijn hier iets aan te doen. Van Nieuwenhuizen:”Er zijn wettelijk geen mogelijkheden om individuele rijscholen aan te spreken op vastgelegde standaarden die de consument beter kunnen beschermen. Wel onderzoek ik in overleg met de branche andere mogelijkheden om dit beter te organiseren.” De Minister geeft aan in de beantwoording van Kamervragen over rijschool Aalbregt van PvdA Kamerlid van Dijk, evenals van VVD Kamerlid Dijkstra hierop terug te komen.

Brancheorganisaties

Dijkstra stelde ook vragen over de verantwoordelijkheid van brancheorganisatie bij de controle of rijscholen goed verzekerd zijn en of een Rijleskeurmerk daar een waarde bij kan hebben. Van Nieuwenhuizen:” De brancheorganisaties BOVAG, FAM en VRB hebben allen aangegeven dat ze leden jaarlijks controleren op verzekeringen, algemene voorwaarden en integer en correct handelen. De leden dienen hun polissen ter inzage te overleggen. Hoewel dit nog niet is voorgekomen wordt bij niet voldoen het lid geroyeerd.” En over het Rijleskeurmerk:” Het Rijleskeurmerk is een particulier vrijwillig initiatief en geeft informatie op hun website. Er bestaat geen landelijk verplicht keurmerk voor rijscholen en ook de voorwaarden zijn afhankelijk van de individuele rijschool.”