Wat voor type autorijder bent u?

stress_2

Hoera, op vakantie! Alleen begint die vaak wel met uren over de weg. Dan wordt weer duidelijk wat voor type rijder je bent. Ben je een navigatiefreak? Of volg je de meute? Vooral mannen blijken betweters te zijn

Dation Rijschool Software

— Advertentie —

De navigatiefreak

Waar staan de files en flitscamera's, waar vindt u een tankstation en waar wordt er gewerkt aan de weg? De navigatiefreak - die de laatste update installeert terwijl zijn reisgenoten de koffers inladen - wordt dankzij zijn apparatuur non-stop geïnformeerd.

Zie 'm gaan, die grijnzende blitskikker in zijn glimmende Audi of BMW; hij maakt graag vaart - soms iets te veel vaart. Verkeerspsycholoog Gerard Tertoolen kent ze wel: “Het zijn vaak kilometervreters in een fraaie leaseauto.”

Groot voordeel: ruziemaken over de route hoeft niet meer. Papa vertrouwt op de techniek, dus doet de rest dat ook maar. ”Dat kan een hoop discussies schelen,'' weet autojournalist Niek Schenk. Maar o wee, als er opeens iets kapot gaat. ANWB-woordvoerder Ad Vonk: “Dan worden wij gebeld: “Mijn TomTom is stuk, wat nu?” Mensen varen blind op die navigatie en hebben geen idee waar ze zijn.”

De ik-weet-het-beter-chauffeur

Hè? Staat er linksaf op dat verkeersbord? En zegt de navigatie ook linksaf? “Schat, dat klopt niet. Écht niet. Vorig jaar gingen we hier rechts!”
“Gevoelsmatig,” zegt verkeerspsycholoog Gerard Tertoolen, “zijn de betweters in het verkeer vooral mannen.” Zeker op bekend terrein, onderweg naar die al vaak bezochte Franse camping, etaleren ze een rotsvast vertrouwen in zichzelf.

Autojournalist Niek Schenk: “Veel automobilisten rijden het grootste deel van het jaar alleen. In die cocon, waarin ze zijn teruggeworpen op zichzelf, ontwikkelt zich een zekere stijfkoppigheid.”
Daar heeft niemand last van, tot er op vakantie plots anderen instappen. “Je rijdt lange afstanden, zit dicht op elkaar. Als je het dan alsmaar beter weet, kunnen er spanningen ontstaan.”
Tertoolen: “Want op die sluiproute die jij kende, is de weg misschien wel opengebroken.” Niek Schenk: “Of je krijgt commentaar op je inhaalmanoeuvre.” Zoiets valt vaak verkeerd: “Gevaarlijk? Ik rijd he-le-maal niet gevaarlijk!”

De ik-volg-gewoon-de-rest-bestuurder

“Zou je die vrachtwagen niet inhalen?” vraagt de man. “Nee joh, het gaat toch goed zo,” antwoordt zijn vrouw.
Inderdaad: Waarom zou je scheuren en sjezen als je in je Opel ook rustig naar je vakantiebestemming kunt kachelen?

“Deze 'ik-volg-gewoon-de-rest-automobilisten' hebben vaak minder routine,” zegt autojournalist Niek Schenk. “Met de drukke snelweg zijn ze niet altijd vertrouwd.” Op reis zijn ze vastbesloten zich niet op te laten jagen.
Op zich een prima uitgangspunt: “Een ontspannen bestuurder is een goede bestuurder.” Maar té rustig rijden is onverstandig. “Als de rest van het verkeer achter je aan hobbelt, creëer je de gevaarlijke situaties die je juist wilde vermijden.”

Overigens veranderen ook veel bestuurders die in Nederland eigenwijs zijn, in het buitenland in kuddedieren, weet verkeerspsycholoog Tertoolen. “Als op een onbekend Spaans weggetje iedereen rechtsaf slaat, ben je geneigd de meute te volgen: “Dan zullen we daar wel heen moeten”.

De romantische rijder

Op een papieren kaart een kronkelweggetje door de bergen uitzoeken: even weg met die navigatie en het avontuur tegemoet. ANWB-woordvoerder Ad Vonk raadt het iedereen aan. Maar bestaan ze nog wel, romantische rijders die er zonder TomTom op uittrekken en het zelfs leuk vinden om onderweg te verdwalen?
Autojournalist Niek Schenk komt ze nog tegen, jong én oud: “Stelletjes of vrienden in een sportwagen, of klassieke cabrio, die onbekommerd op reis gaan. Voor hen begint het plezier zodra ze instappen.”
Verkeerspsycholoog Gerard Tertoolen vreest dat het een uitstervend ras is. “Het romantische rijden gaat door de opmars van de navigatie-apparatuur verloren. Vroeger zei ik nog wel eens: “Zullen we deze camping maar nemen, voor het donker wordt?”.”

Nu de gps ons van A naar B gidst, is de verleiding groot de kortste weg te kiezen. “Vooral gezinnen rijden zo snel mogelijk naar hun bestemming. Dáár begint de vakantie pas.”

Bron: AD